|
|||
| In de kelders van het in aanbouw zijnde museum sloot ik een ruimte af met een verplaastbare wand. De performance was enkel door een gat in deze wand te zien. Ik zat naakt, vastgebonden op een stoel. Op de muur had ik een groot portret van kinderontvoerder Marc Dutroux geschilderd. De stroom voor de verlichting in de vochtige ruimtes werd voorzien door een stinkende en lawaaierige benzinegenerator. | |||
| THE PERFORMANCE JAN HOET NEVER SAW | |||
| In the basement of the building-site for the new museum I closed off a space by a moveable wall. The performance could only be seen through a hole in this wall. I sat on a chair, naked and tied up. On the wall I had painted before a large portrait of child-abducter Marc Dutroux. The power for the lights in the humid spaces was provided by a bad-smelling and noisy petrol-generator. | |||
| 9 XI 1996 - De Rode Poort/Museum van Hedendaagse Kunst, Gent | |||
|
| |||